Solidariteit
17 februari 2026
Hij is zo’n kerkrentmeester zoals ze die volgens mij niet meer maken. Van huis uit wasecht hervormd doet hij inmiddels al bijna 40 jaar wat zijn vader ook deed. De administratie van de begraafplaats, de tuin van de Dorpskerk en natuurlijk de financiën van de gemeente. Heel lang deed hij dat laatste letterlijk op de achterkant van het spreekwoordelijke sigarendoosje.
Toch gaat hij wel degelijk met zijn tijd mee. Voor het onderhoud van de begraafplaats heeft hij ondertussen mensen ingehuurd. De tuin van de kerk maait hij nog zelf, maar sinds vorig jaar wel op een zitmaaier. En het sigarendoosje heeft inmiddels plaatsgemaakt voor Fris.
Binnen hebben we er net over gesproken dat zijn kerk kleiner wordt. Er zijn minder leden, hij is nog de enige kerkrentmeester, en de bodem van de schatkist is in het zicht aan het komen. We praten nog even na. Buiten, want wat roken betreft houdt hij vast aan hoe het was.
Hij ziet in dat de tijden veranderd zijn en dat samenwerken met andere gemeenten kan helpen. Zelf is hij inmiddels om. ‘We moeten niet zo bang zijn’, zegt hij. ‘Daar’ – hij knikt in de richting van het naburige dorp – ‘daar zijn ze echt niet zo anders dan wij’.
Hij kent me goed genoeg om te weten dat hij me daarmee met een ferme zwaai op mijn praatstoel heeft gezet. Want er zijn talloze manieren om samen te werken. Het kan beperkt blijven tot een kerkblad, maar het kan ook uitgroeien tot veel meer. Net wat nodig is.
Het is mijn dagelijks werk, samen Albert en Jaap van het classisteam. En we doen het graag, maar het is vaak ploegen op zware klei. De plaatselijke zelfstandigheid is het kroonjuweel van de Reformatie, maar inmiddels ook een molensteen om onze nek. Hier, wij, deze gemeente, op dit dorp, alleen zó willen we kerk zijn. Maar wie eerlijk is ziet dat steeds moelijker worden.
Als ik door mijn oogharen heen kijk, weet ik zeker dat we in de toekomst steeds meer samen zullen doen. Regionaal. Clusters van kerkplekken, een team van predikanten en pastores. We zullen de bestuurlijke en de financiële lasten delen. Iedereen weet dat het er zo uit zal gaan zien. Maar velen denken ook: voorlopig nog niet. Nog even wachten, na ons de zondvloed.
Ik ben uit georeerd. Mijn kerkrentmeester trapt zijn sigaar uit en zegt: ‘Weet je wat het is, Peter? In de kerk hebben we moeite met solidariteit. En ik snap niet hoe dat kan. Het hele evangelie gaat nergens anders over: samen, je bént niet alleen. Maar in de kerk willen we alleen het clubje dat we kennen. Hoe kan dat nou, dat we juist in de kerk solidair zijn zo moeilijk vinden?’ Als hij wegloopt zie ik het onbegrip in zijn schouders.
Ds. Peter Verhoeff, classispredikant
via email bereikbaar