PG Logo

Veilig in Jezus armen

lam in armen vrouw

Veilig?!

Veilig in Jezus’ armen,
veilig aan Jezus’ hart,
dáár in Zijn teer erbarmen,
dáár rust mijn ziel van smart.

Hoor, ’t is het lied der eng’len,
zingend van liefd’ en vreê,
ruisend uit ’s hemels zalen,
over de glazen zee.

Veilig in Jezus’ armen,
veilig aan Jezus’ hart;
dáár in Zijn teer erbarmen,
daar rust mijn ziel van smart.

Wat bijna niemand weet, is dat dit lied is geschreven door een blinde dichteres. Haar naam is Fanny Jane Crosby, ze woonde in de buurt van New York, we praten over 1850. Ten gevolge van een verkeerde medische behandeling was ze als baby al blind geworden. Ze bezocht in haar schoolperiode het instituut voor blinden in New York en ging later aan diezelfde school ook les geven. Ze bleek een goede dichteres te zijn en publiceerde verschillende bundels. Altijd was ze blij en opgewekt.
Haar gezichtsvermogen kon dan wel verduisterd zijn, maar geen wolk kon het zonlicht van de hoop in haar eigen hart tegenhouden. En daar is dit lied eigenlijk één grote getuige van. Een lied wat ze overigens in twintig minuten tijd schreef terwijl ze op de trein zat te wachten. Onder tijdsdruk.
Dan kan je namelijk niet al teveel nadenken en redeneren en prakkezeren en stromen de woorden meestal rechtstreeks uit het hart, met dank aan de Geest overigens. 

Veilig in Jezus armen.
Is dat wel zo vanzelfsprekend vraag ik me af? (In die zin van heb je dat gevoel nu elke dag. ) Dat je veilig in jezus armen bent? En dat je daar rust ervaart? De tekst zegt: daar rust mijn ziel van smart. Fijn als dat zo is, maar stel dat het niet zo is?!
Wist u dat de bijbel ons leert dat God voor ieder van ons een aparte  behandeling in petto heeft en ook nodig acht?
Het kan zijn dat Hij je optilt.
Het kan ook zijn dat Hij je laat lopen.
Het hangt er maar van af.

Tekst uit Jesaja 40: Als een herder weidt hij zijn kudde. Zijn arm brengt de lammeren bijeen. Hij koestert ze, en zorgzaam leidt hij de ooien. Zo’n ooi, zo’n oud schaap moet toch maar zelf lopen. En dat kleine schaapje dat niet meer kan draagt Hij.
Ik ben veilig in Jezus armen. Ik hoor dat zo’n lam als het ware zingen. Die heel dicht tegen zijn herder aankruipt. En dan hoor ik zijn moeder antwoorden, die moet lopen: “maar ook ik ben veilig bij Hem”. 
Je kunt  niet altijd veilig in de armen van de herder gaan liggen. Maar je bent wel veilig bij hem. Hij is de deur, hij is de leidsman.
Hij kent je bij name. En als het nacht wordt dan leidt hij ons in zijn kooi bijeen. Veilig, ja dat ben je, dat blijf je,
Ook al voel je dat niet altijd.

Jacob Meinders