Column

21 januari 2016

Geïntimideerd, geschrokken

Wat kun je je soms vergissen! Wat heerlijk als je vergissing kan worden bijgesteld. Al is het na jaren.

We zaten de bijeenkomst van 26 januari voor te bereiden: vier moslims, mannen, twee Turkse, twee Marokkaanse, en twee christenen, een man en een vrouw. Geweld in de Koran, geweld in de bijbel. Kaïn doodde zijn broer Abel. Ja! bekend! Wat speelt er in dit verhaal? de versie van de Bijbel, en de versie van de Koran. Het thema leeft! Er wordt gediscussieerd, uitgelegd, bevlogen beargumenteerd, aangetoond. Prachtig. Wat mooi deze toenadering. Dat willen we ook voor onze avond. De bijbel en de koran, allebei woord van God, maar is de Koran voor een christen woord van God? zoals Anton Wessels vindt.

Ik memoreer een avond in Het Octaaf, dat deze grote christelijke Islamkenner, en – geleerde, in Hoorn een lezing hield. Het verhaal was net begonnen, toen de klapdeuren van de achterzaal opensloegen, en twee moslims de zaal betraden. Ze deden dat met enig tumult. Blijkbaar waren ze op de hoogte, en is de roem van Wessels alom bekend. Vooraan namen ze plaats, nadat ze, niet over het hoofd te zien, van achteren naar voren gelopen waren.

Ik herinner het gebeurde me, als tamelijk intimiderend. Nou, die durven! Maar het zou zomaar de entree geweest kunnen zijn van twee mensen die in een hun vreemd gezelschap hun onzekerheid proberen te maskeren. Natuurlijk kun je het heel anders doen, als je twijfelt, als je niet wilt storen. Maar ja, de één is de ander niet.

Wat blijkt? Eén van de mannen in onze voorbereidingsgroep, zei: Ja, daar was ik er één van!! En letterlijk zei hij: DAT WAS TOCH LEUK? Het laat toch zien, dat je er bij wilt zijn? we willen dit van jullie meemaken? En inderdaad, ik ben het volledig met hem eens.

Ja, zo kun je het ook bekijken. En: wat kun je je vergissen. Het zette me weer even aan het denken.

Ds. Tineke van Lente-Griffioen

 

19 november 2015

Eén minuut stilte, een klein ritueel, op maandag 16 november

Ik heb het gemist, maandag, het houden van één minuut stilte. Het was er, op perrons, in winkelcentra, in kantoren, en thuis. Van de mannen die het nieuwe pad voor mijn huis aanlegden, hoorde ik dat deze oproep de wereld ingegaan is. Ik vind het een heel goed idee, een moment van verbondenheid na de aanslagen van vrijdagnacht in Parijs. Een goed idee om verbondenheid te voelen met slachtoffers en hun familie, verbondenheid met een wereld waarin kennelijk dit gebeurt. En die we er bovenop willen helpen.

Maar, als we even later in de keuken ons brood eten, met een babbeltje over het pad, en de berichten op facebook, enzo, blijkt dat ik het vergeten ben. Jammer! Ik had mee willen doen.
Deelgenoot zijn.

Ben ik zo weinig verbonden met de wereld om me heen? Ik dacht van niet.

Ik was op dat moment aan het opruimen. Ik zat midden in de spullen die in de dozen zaten uit mijn ouderlijk huis, met foto’s en boeken, schriften, brieven die mijn vader bewaard heeft. Ik heb het lang uitgesteld, en wel eens de aanvechting gehad om alles in één keer weg te kieperen. Maar wat ben ik blij met de brief die mijn grootvader schreef aan mijn ouders bij mijn geboorte! Dat was de reden dat ik die minuut niet met de wereld heb gedeeld. Maar het voelt als een gemis.

Maar belangrijker is, denk ik nu, – nu we vlak voor de dienst staan, waarin we de namen zullen gaan noemen van wie in onze gemeente zijn overleden, – dat je zo’n ritueel bijna niet in je eentje kunt doen. Het kán wel, maar fijner is, in een kerk, met mensen die je al of niet kent. En zoals maandag, ergens op een station met allemaal mensen die even stil staan. dan voel je: we zijn verbonden, als mensen, allemaal op deze wereld, en: samen komen we er door.

Ds. Tineke van Lente-Griffioen